Cookies & Privacy

We gebruiken cookies om uw ervaring te verbeteren en statistieken bij te houden. Meer informatie vindt u in onze privacyverklaring.

← Terug naar onderwerpen

Van buitenaardse lavavelden tot groene kloven: Spanje zoals je het nog niet kende

Inspiratie

Spanje wordt vaak voorgesteld als een land van stranden, olijfbomen en droge mediterrane heuvels. Dat beeld klopt, maar slechts voor een deel van het land. Wie Spanje van noord naar zuid en van het vasteland naar de eilanden verkent, komt landschappen tegen die nauwelijks iets met elkaar gemeen lijken te hebben.

In het noorden liggen groene bergketens waar regelmatig regen valt. In het zuidoosten verschijnen droge gebieden die aan een woestijn doen denken. Midden op Tenerife rijst een vulkaan tot meer dan 3.700 meter boven zee uit, terwijl op Lanzarote enorme oppervlakten bedekt zijn met relatief jonge lavavelden. Spanje is daardoor landschappelijk een van de meest contrastrijke landen van Europa.

Tabernas: een stukje woestijn in Andalusië

In de provincie Almería ligt een van de droogste gebieden van Europa. Het landschap rond Tabernas bestaat uit kale heuvels, droge rivierbeddingen en sterk geërodeerde rotsformaties.

Door de geringe hoeveelheid neerslag groeit er weinig hoge vegetatie. Zon, wind en incidentele zware regenbuien hebben diepe geulen in de zachte bodem uitgesleten. Hierdoor ontstond een landschap dat sterk doet denken aan delen van Noord-Afrika en het zuidwesten van de Verenigde Staten.

Die overeenkomst bleef ook bij filmmakers niet onopgemerkt. Verschillende westerns en andere films werden hier opgenomen omdat het gebied gemakkelijk kon doorgaan voor een veel verder weg gelegen woestijnlandschap.

Bardenas Reales lijkt op een decor van een andere planeet

Ook in Navarra ligt een opvallend droog landschap. Bardenas Reales bestaat uit halfwoestijn, plateaus, ravijnen en geïsoleerde rotsformaties.

Een van de bekendste formaties is Castildetierra, een smalle rotskolom met een bredere bovenkant. Regen en wind blijven het zachte gesteente eromheen langzaam verwijderen.

Het landschap heeft bruine, beige en grijze tinten en is vrijwel boomloos. Dat vormt een enorm contrast met de groene Pyreneeën die relatief dichtbij liggen.

De Picos de Europa vormen het groene gezicht van Spanje

Wie naar Noord-Spanje reist, kan bijna vergeten dat hij zich in hetzelfde land bevindt als de droge gebieden van Andalusië. De Picos de Europa liggen dicht bij de Atlantische kust en ontvangen aanzienlijk meer neerslag.

Steile kalkstenen bergen rijzen boven groene valleien uit. Rivieren hebben diepe kloven in het gebergte uitgesleten en kleine dorpen liggen tussen weilanden en bossen.

Een van de bekendste gebieden is de kloof van de Cares. Een wandelpad volgt hier de steile bergwand boven de rivier. Op verschillende stukken kijk je diep de smalle kloof in.

Ordesa: een enorme vallei in de Pyreneeën

Aan de grens met Frankrijk liggen de Spaanse Pyreneeën. Een van de indrukwekkendste landschappen bevindt zich in Nationaal Park Ordesa y Monte Perdido.

De Ordesa-vallei heeft brede rotswanden die honderden meters boven de bodem uitsteken. Bossen bedekken de lagere delen, terwijl hogerop kale kalksteenbergen domineren.

Watervallen en bergbeken voeren smeltwater vanuit de hogere delen naar beneden. In het najaar kleuren de bossen geel, rood en oranje, terwijl op de hoogste toppen al sneeuw kan liggen.

Las Médulas: rode bergen gevormd door Romeinen

In de regio Castilla y León ligt een landschap dat deels door natuurlijke erosie en deels door menselijke activiteit is ontstaan. Las Médulas bestaat uit opvallende rode rotsformaties die tussen groene vegetatie omhoogsteken.

In de Romeinse tijd werd hier op grote schaal goud gewonnen. De Romeinen gebruikten een ingenieus systeem waarbij grote hoeveelheden water door tunnels en kanalen werden geleid om delen van de berg af te breken.

Na het stoppen van de mijnbouw bleef een grillig landschap van rode rotsen, grotten en steile wanden achter. Kastanjebossen groeiden tussen de oude mijnstructuren en maken het huidige contrast nog opvallender.

Río Tinto: een rivier met bijna buitenaardse kleuren

In het zuidwesten van Spanje stroomt een rivier die direct opvalt door zijn kleur. De Río Tinto heeft op verschillende plaatsen roodachtige en oranje tinten.

Het water is van nature zeer zuur en bevat hoge concentraties opgeloste mineralen. Mijnbouw in de regio heeft eveneens grote invloed gehad op het gebied.

De combinatie van gekleurd water, minerale afzettingen en kale bodem zorgt voor een landschap dat zo ongewoon is dat wetenschappers het gebied hebben bestudeerd als mogelijke vergelijking met omstandigheden op andere planeten.

Doñana: waar rivier, duinen en zee samenkomen

Niet ver van Sevilla ligt opnieuw een compleet ander landschap. Nationaal Park Doñana bestaat uit wetlands, lagunes, bossen en grote duingebieden.

Het gebied ligt bij de monding van de Guadalquivir en is bijzonder belangrijk voor trekvogels. Afhankelijk van het seizoen kunnen grote oppervlakten onder water staan of juist grotendeels droogvallen.

Langs de kust liggen bewegende duinen die langzaam door de wind worden verplaatst. Hierdoor verandert het landschap voortdurend.

Cabo de Gata: vulkanische rotsen aan de Middellandse Zee

Aan de kust van Almería ligt Cabo de Gata-Níjar. Dit droge kustgebied heeft een vulkanische oorsprong en bestaat uit rotsachtige bergen, baaien en stranden.

Donkere vulkanische rotsen steken op verschillende plekken uit boven het helderblauwe water. Door de geringe hoeveelheid neerslag is de vegetatie schaars en overheersen lage planten die goed tegen droogte kunnen.

Het gebied heeft daardoor een veel ruiger karakter dan veel andere delen van de Spaanse Middellandse Zeekust.

El Torcal: een stenen doolhof boven Málaga

In Andalusië ligt bij Antequera een kalksteenlandschap met bijzonder gevormde rotsen. El Torcal bestaat uit horizontale steenlagen die door erosie zijn veranderd in torens, platen en grillige formaties.

Sommige rotsen lijken alsof enorme stenen bewust op elkaar zijn gestapeld. Wandelroutes lopen tussen de formaties door en geven telkens een ander perspectief op het landschap.

Vanaf de hoger gelegen delen zijn op heldere dagen grote delen van het Andalusische binnenland zichtbaar.

Teide: vanaf subtropische kust naar vulkanisch hooggebergte

Op Tenerife ligt het hoogste punt van Spanje. De Teide bereikt een hoogte van 3.715 meter en domineert een groot deel van het eiland.

Een rit vanuit de kust richting de vulkaan voert door verschillende klimaatzones. Eerst passeer je subtropische vegetatie, vervolgens dennenbossen en uiteindelijk een kaal vulkanisch landschap.

Rond de Teide ligt een enorme caldera met lavastromen, kraters en rotsformaties in verschillende kleuren. Door de hoogte en droge lucht kan het landschap hier opvallend helder en scherp ogen.

Timanfaya: een landschap dat nog jong is

Op Lanzarote zijn de gevolgen van vulkanische activiteit nog duidelijker zichtbaar. Grote uitbarstingen in de achttiende eeuw bedekten een aanzienlijk deel van het eiland met lava en vulkanische as.

In Nationaal Park Timanfaya liggen donkere lavavelden en tientallen vulkaankegels. Vegetatie is op veel plaatsen nog schaars, waardoor de vormen van gestolde lava goed zichtbaar blijven.

De bodem bevat verschillende kleuren, van zwart en donkerbruin tot rood en oker. In combinatie met het vrijwel ontbreken van bomen ontstaat een landschap dat sterk afwijkt van het Europese vasteland.

La Palma: nieuw land uit de vulkaan

Hoe levend het vulkanische landschap van de Canarische Eilanden is, werd in 2021 duidelijk op La Palma. Een uitbarsting bij Cumbre Vieja produceerde gedurende weken grote hoeveelheden lava.

Lavastromen bedekten wegen, landbouwgrond en gebouwen voordat ze uiteindelijk de Atlantische Oceaan bereikten. Daar stolde het gesteente en ontstond nieuw land.

Het gebied laat zien dat landschappen niet alleen iets uit een ver verleden zijn. Geologische processen kunnen ook vandaag nog binnen enkele weken de kaart van een eiland veranderen.

Spanje heeft bijna ieder Europees landschap

Het contrast tussen Noord- en Zuid-Spanje is enorm. In Asturië en Galicië bepalen groene heuvels, bossen en een vochtige Atlantische kust het beeld. In Andalusië en Murcia komen droge landschappen voor waar maandenlang nauwelijks regen valt.

Daartussen liggen hoogvlaktes, riviergebieden, bergketens en mediterrane kustlandschappen. Voeg daar de vulkanische Canarische Eilanden aan toe en de variatie wordt nog groter.

Wie Spanje alleen kent van de Costa's heeft daarom slechts een klein deel van het land gezien. Juist een reis door het binnenland en het noorden laat zien hoe snel het landschap kan veranderen. Van groene bergkloven naar kale hoogvlaktes en van halfwoestijn naar vulkanische lavavelden: Spanje heeft veel meer gezichten dan zon en strand alleen.